Filter op
Terug naar overzicht

BLOG: Herenboeren Wilhelminapark – boer, burger en consument in één

Voor haar onderzoek spreekt Susan Drion, voorzitter van SFYN Nederland, met boeren die alternatieve financieringsvormen in de praktijk hebben gebracht. Ze bundelt al deze ontmoetingen in een portretserie die als basis zal dienen voor een ‘best practice guidelines’ voor alternatieve financiering in de landbouw. Zo kunnen ook andere boeren en investeerders leren van deze ervaringen. Herenboeren trapt af.

Waar is de boerderij? Dat is het eerste wat er door me heen gaat. Ik word ontvangen in ‘de keet’, twee grote containers compleet met verwarming, wc en licht. De boerderij, dat is het land. En de boer is al naar huis. Herenboeren zet mijn perspectief van wat een boerderij is en hoe je deze financiert op de kop. Douwe Korting zet een kop thee neer, van onder zijn grote krullenbos kijkt hij me scherp aan. Trots begint hij te vertellen over Herenboeren. Even later loopt Geert van der Veer binnen. Hij moest eerst nog even de varkens voeren, deelt hij met een brede lach op zijn gezicht.

Herenboeren is een van de weinige burgerinitiatieven die zelfs het idee van alternatieve financiering uitdaagt. Het gaat namelijk niet om het aantrekken van vreemd vermogen. Herenboeren is compleet gefinancierd door burgers die ook eigenaar zijn van de boerderij: door eigen vermogen dus. De boerderij is volledig onafhankelijk van subsidies en maakt geen winst. En de boer is in loondienst. Hoe deze dwarsdenkers te werk gaan, lees je in deze blog.

Hoe werkt Herenboeren precies? 
Douwe: “We hebben een coöperatie van momenteel 150 huishoudens, met ruimte tot 200, die eenmalig €2000 investeren. Van die vier ton is de boerderij ontwikkeld. Naast deze bijdrage deelt de coöperatie de jaarlijkse kosten. Er wordt een begroting gemaakt, de boer moet betaald worden bijvoorbeeld. Alle kosten deel je door de monden die van de boerderij eten. In ons geval maximaal 500 monden. Ieder lid betaalt ongeveer €500 per jaar om samen de begroting te dichten. Vegetariërs iets minder, alleseters iets meer. Met elkaar dek je de kosten en wat je daar voor terugkrijgt is je eten: jaarrond aardappelen, groente en fruit, en per mond tien kilo varkensvlees, zeven kilo rundvlees, kippenvlees en eieren.”

Welk doel hadden jullie voor ogen toen jullie besloten deze financieringsvorm te gebruiken? 
“Geld als middel. Punt.” zegt Geert kordaat.

Duidelijk. Geld als middel waarvoor? 
Geert: “Ik gun mensen, letterlijk, het beste eten tegen een zo goedkoop mogelijke prijs…De marge die normaalgesproken naar de supermarkt gaat, ongeveer €0.85 per euro, benutten wij voor het uit ontwikkelen van natuur inclusieve landbouw. Wij verstaan daaronder dat we echt kijken naar nieuwe teelt- en houderijtechnieken, geredeneerd vanuit de meest natuurlijke omstandigheid van dier of plant.”

Wat motiveerde jullie om Herenboeren te starten? 
Geert: “Ik heb gezien wat er in de huidige sector gebeurt… In mijn tijd bij de Limburgse Land –en Tuitbouw Bond (’98 – ’03) ontdekte ik dat wat ik eigenlijk ook wel wist: agrarische bedrijven zijn bijna allemaal technisch failliet. Het rendement op eigen vermogen is bijna nul en het ondernemersinkomen is rond de 30.000 euro. Moet ik daar nou 78 uur per week voor werken? Het is een way of life, dat hoort daar ook bij, dat snap ik, maar wie financiert dit? In een “normale” business wordt dit niet als een rendabele business case beschouwd…. Dat we nu aan het doen zijn, kan niet zo doorgaan. Er zal een alternatief komen.”

Het proces
De infographic hieronder beschrijft enkele belangrijke momenten voor Herenboeren. Het begon met een lijstje met de uitdagingen waar de sector voor stond, volgens Geert. Met al zijn bevlogenheid heeft Geert een groep mensen om hem heen verzameld. Samen hebben ze het concept tot in de puntjes uitgewerkt en uitgerekend. De locatie werd gevonden en met behulp van een lening van de Marggraff Stichting startklaar gemaakt. Vooral in bodemvruchtbaarheid werd geïnvesteerd. Toen was het tijd voor actie: het team kreeg 56 huishoudens zo ver om €2000 in te leggen. Dit overtrof het startkapitaal van €100.000.* Een half jaar later werd de boerderij opgeleverd.

*alleen deze Herenboerderij heeft zo’n laag startkapitaal. Het model gaat uit van 200 leden en vier ton startkapitaal.

 

Hoe kwamen jullie aan grond?
Geert: “Ik had een zakelijke relatie met de grondeigenaar. Die ons de grond gunde. Hij zocht namelijk juist een alternatieve inkomstenbron en wilde aan de slag met duurzame ontwikkeling op zijn terrein. We pachten deze grond – een constructie die voor mij weer te maken met de rol van geld. Het gaat niet over het hebben van grond, om eigendom dus, maar toegang hebben tot grond. We betalen bovendien een normale prijs. Ik wilde geen speciale deal. Ik wilde geen knuffel krijgen want dan zouden we een knuffelinitiatief worden. Het moest op basis van commerciële uitgangspunten ook werken.”

In hoeverre ervoeren jullie weerstand of juist omarming van huidige wet en regelgeving?
“Onnoemelijk” lacht Geert. “Een voorbeeldje: Deze Herenboerderij paste niet in het bestemmingsplan van de gemeente. We zijn rondleidingen gaan organiseren. De pers was ook uitgenodigd. Later stond er een artikel in de krant, dat potentiële herenboeren naar hun eigen locatie zijn komen kijken. En toen zag ook de gemeente de kracht van de community. Het is eigenlijk zo’n mooie sociale beweging. Nu gedogen ze de boerderij.”

Omdenken op grote schaal
Geert: “Ik zou nog één ding willen meegeven als het om financiering gaat. Van het geld dat wij met het Gemeenschappelijke Landbouw Beleid uitgeven aan boeren, kunnen wij ook de burger financieren met eenmalig €2000. Dan is voor iedereen de drempel nul om een Herenboerderij te starten.”

Naast persoonlijke relaties en een goed verhaal, wat zijn andere factoren van succes geweest volgens jullie?
Geert: “Doordouwen. You need the fool. Iemand die gewoon echt zeg, stik d’r maar in, ten koste van alles, soms letterlijk alles.”
Douwe: “We hebben de tijdgeest mee, wij zijn een bron van inspiratie voor de sector. Zonder ons tegen de gangbare sector af te zetten.” Geert vult aan “Het is vooral heel leuk”.

Zelfs ik moest even wennen aan het concept van Herenboeren. Na het interview lieten Geert en Douwe mij de velden, varkens en koeien zien. De miezer maakte alsof we alleen op de wereld waren. Geert en Douwe gaven duidelijk aan dat Herenboeren geen knuffelinitiatief mag zijn. Toch is het bijna te mooi om waar te zijn. Maar de keiharde cijfers van Geert en Douwe bewijzen dat het kan: een gemengde boerderij, volledig gefinancierd en in eigenaarschap van burgers en een boer met een eerlijk inkomen. Een model om serieus te nemen.

Herenboeren_thomaskaranikas

 

// Tekst: Susan Drion
// Beeld: Thomas Karanikas.© all rights reserved

SusanDrion_RubendeRuijter// Susan Drion schrijft deze blogserie in het kader van haar master scriptie. Ze studeert Biologische Landbouw – Duurzame Voedselsystemen aan de Universiteit van Wageningen. Daarnaast is Susan voorzitter van het Slow Food Youth Network, waar ze zich dagelijks inzet om de jongerenbeweging voor good, clean en fair food toekomst proof te maken. Ook staat ze op de lijst van de Food100 2017. Op haar website www.waardenscheppers.com vertelt ze de verhalen van boeren en financierders die andere waarden scheppen in de landbouw door nieuwe financieringsvormen te gebruiken.

// Lees ook: Geld & de toekomst van de landbouw, De spelregels van financiering #1, De spelregels van financiering #2