Filter op
Terug naar overzicht

WC praat #4 – 7 vragen aan Bob Hutten van de Verspillingsfabriek

Elke maand stellen we 7 vragen aan een interessant persoon uit de food branche. Deze maand is het Bob Hutten, ondernemer, bekend van onder andere Hutten Catering en de Verspillingsfabriek in Veghel.

Bob is een ondernemer met een inspirerende visie over food en hospitality. Twee van zijn bekendste bedrijven zijn Hutten Catering en de Verspillingsfabriek. Als cateraar maakt hij met aandacht het verschil: aandacht voor de gast, aandacht voor wat hij hen serveert en aandacht voor zijn eigen samenwerkers, daarmee hebben zij de ambitie om de beste, de leukste en de gelukkigste te zijn. Met de Verspillingsfabriek dringt hij op een innovatieve manier voedselverspilling terug. Zijn visie is duidelijk zichtbaar in zijn bedrijven, en voelbaar, toen ik deze week met hem sprak:

  1. Wie ben je en wat is je achtergrond?

Ik ben Bob Hutten en ik vertrek vanuit het punt dat ik Bob 4001 ben, een van de vele Bobs op de wereld of de 4001e generatie Bob. Als je realiseert dat je dat bent kan je twee houdingen nemen (i) je kan je afvragen hoe belangrijk je dan bent óf (ii) je bent hier om iets bij te dragen aan een beter leven in bijvoorbeeld cultuur, natuur en een beter mens. Als je dat net zoals ik in food en hospitality doet, dan vind ik dat je na moet denken over wat je mensen te eten geeft. Ik ben me er bewust van dat ik een enorme vertrouwensrelatie heb met onze gast. Ik geef een ander te eten en hij of zij neemt klakkeloos aan dat dit goed, veilig en verantwoord is, dus ik wil ernaar handelen dat wij ook daadwerkelijk die meerwaarde aan die voeding geven. Daarom vind ik het belangrijk om me steeds af te vragen: geeft het de ander iets, of neemt het van de ander? Dus alles dat wij doen moet bijdragen aan de levens van andere mensen.

  1. Wat is jouw visie op good, clean & fair food?

Ik vind het een zuivere visie, en zo kijk ik er ook naar. Naar mijn idee zit de voedselwaarheid in good food. Ik vind fair en clean twee zindelijkheidsbegrippen: ik ga ervan uit dat iemand een eerlijke prijs krijgt, dat er goed omgegaan wordt met iedereen in de keten. In mijn denken zijn dat vanzelfsprekendheden, al weet ik ook dat dat in de praktijk niet altijd een vanzelfsprekendheid is. Good food gaat voor mij over verse, onbewerkte voeding, zonder schadelijke additieven en met korte bereidingstijden. Good food moet voor mij zeggend zijn: het moet een verhaal te vertellen hebben. Soms kan dat door een merk, maar er zijn naar mijn mening te weinig merken die dat hebben.

Wat je ziet is dat veel merken op één van de drie onderdelen een enorme marketing loslaten waardoor er een kakofonie ontstaat over wat goede voeding is. Niemand schept duidelijkheid omdat het een ontzettend ingewikkelde zaak is om good, clean én fair in één product terug te vinden. Ook bijvoorbeeld biologisch pakt een aantal van die dossiers, maar dan moet je soms voor lief nemen dat je 3000km op en neer sjouwt met dat voedsel. Met ons huislabel de Guijt, waar ik eigenlijk dezelfde idealen als bij jullie beweging heb proberen te zekeren, lukt het vrij goed dit in de praktijk te brengen. We zijn inmiddels 8 á 9 jaar bezig en voor 80% van onze producten is het goed te doen. Echter blijft het voor zaken als koffie en sinaasappelen moeilijk, die groeien hier niet maar die willen we toch hier eten of drinken en dat is het grootste probleem; daarnaast zijn prijs en beschikbaarheid soms een uitdaging.

  1. De Verspillingsfabriek, wat is dat precies, en waar ben je tot nu toe het meest trots op?

Het is een plek waar we rest- en bijstromen verwerken tot nieuwe smaakvolle producten. We maken met name soepen en sauzen. Deze leveren we aan de retail onder het label ‘Barstensvol’ en richting foodservice onder ‘De Verspillingsfabriek’.

Mijn bedrijven zorgen dat wij de goede voedingswaarden kunnen aankopen en in het voedsel kunnen houden gedurende het proces. Máár dat het ook lekker smaakt, omdat we gewoon hartstikke lekker voedsel willen maken.

Natuurlijk was de start van de Verspillingsfabriek het grootste moment, maar ook het feit dat partijen als Hoogvliet, Jumbo, Sligro en Albron ons product omarmen is een hele mooie ontwikkeling. Later zijn er meer partijen de producten gaan voeren, maar ik ben vooral erg trots op die early adopters.

 

  1. Hoe gaat het met de Verspillingsfabriek en wat kunnen we nog verwachten?

Per 1 januari verwacht ik dat we quitte spelen met de Verspillingsfabriek. De Verspillingsfabriek is een icoon in het denken over verspilling. En het is de eerste fabriek in de wereld die draait om de verwaarding van rest- en bijstromen en waar mensen werken met een afstand tot de arbeidsmarkt. Het levert heel veel aandacht op over het onderwerp verspillen.

In de Verspillingsfabriek kunnen we samen met de Taskforce Circular Economy in Food de beste in de wereld worden tegen voedselverspilling. Hiermee kunnen we vanaf 1 oktober ieder bedrijf helpen om van haar rest- en bijstromen af te komen, maar ook het voorkomen van verspilling hoort daarbij. Dat is óók de opbrengst van zo’n Verspillingsfabriek.

  1. Het vermarkten en verwaarden van de producten is niet altijd makkelijk gegaan; hoe zijn jullie hiermee om gegaan en wat is daar het resultaat van?

De consument is zich nog nauwelijks bewust van het verspillingsprobleem, dat leeft nog helemaal niet. In een pril stadium leveren wij onze producten onder andere bij Hoogvliet, Jumbo, Sligro, Albron maar er is nog een héle lange weg te gaan. Het gaat nu over wie de verantwoordelijkheid gaat nemen voor de verspilling. De retailer zegt dat de consument geen paprika wil eten met een groene veeg en de boer blijft vervolgens zitten met het product maar niemand is echt verantwoordelijk voor het gecreëerde probleem. De boer en veiling nemen hun verantwoordelijkheden al, maar zij kunnen niet zonder de consument en retailer. En dat paradigma proberen we te veranderen want in deze vorm van perfectie zijn we doorgeslagen.

De consument is aan de ene kant burger en aan de andere kant koper. Die burger vindt van alles van het milieu, welzijn, et cetera, maar de koper kijkt alleen naar de laagste prijs. Dat komt omdat je de impact van de aankoop niet terugvindt. De consument wordt niet goed geattendeerd dat hij een beter of slechter varkentje koopt en wat vervolgens de impact op bijvoorbeeld het milieu is van die keuze. Ik vind het schrijdend dat een boer nu aan de schandpaal wordt genageld. Eigenlijk is dat heel jammer want een boer gaat niet over hoeveel beesten er in zijn stal moeten. Maar die boer moet wel een bestaan hebben, en als je meer beesten in de stal doet, kan je goedkoper vlees leveren en dat is nodig omdat de prijs zo laag is dat er nauwelijks op verdiend wordt. De industrie eist het goedkoopste varkensvlees en daardoor kom je in een negatieve spiraal terecht waarbij de consument zowel de lachende derde, als de huilende derde is.

  1. Hoe zie jij dat we uit die spiraal kunnen komen?

Er is nog geen grote beweging van 2 á 3 miljoen mensen die good, clean en fair eten vragen, en eisen dat dat duidelijk gecommuniceerd wordt op de etiketten. Zolang die eis er niet komt, geeft dat ruimte op de markt: een retailer maakt het niet uit of een stuk vlees €1 of €3 euro kost, maar als zijn concurrent het aan kan bieden voor €0,90 is hij bang dat zijn klant zich gaat heroriënteren op die prijs. Deze beweging moeten we doorkruisen want de grootste prijsvechters duwen de rest uit de markt en pas als dat gedaan is kan men weer bouwen aan kwaliteit. Die route brengt de retailers én de leveranciers niets, maar de enige die ons daaruit kan halen is een coalitie van consumenten die een duidelijke eis heeft en vervolgens bereid is te betalen wat het kost. Ik denk niet dat er een beweging uit de bedrijfswereld gaat komen die vanuit ambitie of ideaal dit patroon doorbreekt. Jullie zijn een voorbeeld van een beweging die meer mensen achter zich moet krijgen en eisen dat je je idealen terugziet in de schappen.

  1. Wat is jouw wijze les voor de Youth in ons Slow Food Network?

Durf houding te nemen, neem het initiatief om te zeggen en te eisen hoe het nieuwe voedsel, met alles dat je weet over milieu, boeren en gezondheid, eruit moet zien. Je moet weten dat het systeem het niet gaat oplossen dus zorg dat je aan de bal bent, anders krijgen we Amerikaanse taferelen. Niemand zit daarop te wachten, en toch volgen we het naadloos.

We hebben een partij nodig die de consument vertelt wat good, clean en fair is. En dat betekent dat je de rest veroordeelt en aanpakt. De consument weet, met alles wat hij hoort ziet en leest, niet meer wat die moet eten en die heeft behoefte aan zo’n partij. En daar zouden jullie geweldig mee kunnen helpen maar dan moet je houding nemen. En jullie zouden dat op een hele moderne manier kunnen doen áls je jezelf uit durft te spreken.

 

Vragen door: Wouter Vagevuur