Kies je regio
Terug naar overzicht

Hier wordt gekletst

In deze nieuwe rubriek bellen twee SFYN’ers van de SFYN Utrecht delegatie elkaar om het te hebben over interessante dingen die zij zien op het gebied van good, clean en fair food. Afgelopen week hadden Daniela en Mel het over het boek De supermarktsurvivalgids (2018) van Teun van der Keuken.

Dit is een boek dat gaat over de kracht van marketing en hoe je als consument wordt verleid tot het maken van keuzes. Een boek, nee een gids, met onderbouwde informatie en praktische tips die jou helpen door lariekoek heen te kijken en met producten thuis te komen die je écht wil. Een beetje vergelijkbaar met hoe schrijfster Francine Oomen ons met de boeken Hoe overleef ik (wie kent ze nog?) door onze puberjaren heen heeft geloodst.

Mel
Hee Daan! Leuk idee, zo’n rubriek. Toevallig heb ik net het boek de Supermarktsurvivalgids uit. Deze heb ik een tijd geleden geleend bij de bieb en nu eindelijk eens uitgelezen. Trouwens, onwijs leuk en betaalbaar een lidmaatschap bij de bieb. Zeker een tip! En ik kan niet wachten om het nieuwe pand op het Neude (in het oude postkantoor) te bekijken. Even kort over dit boek: Teun van de Keuken, bekend van de Keuringsdienst van Waarde en van Tony’s Chocolonely, schrijft scherp en met humor. Die combinatie zorgt ervoor dat ik onwijs veel heb geleerd maar ook veel heb gelachen om dit boek. Mijn grootste les, ik geef hem nu al gewoon weg, is: vertrouw geen enkele voorkant van een verpakking. Pas als je de ingrediëntenlijst op de achterkant leest, weet je wat je in je handen hebt!

Daniela
Toen je dit boek voorstelde dacht ik wel even; zijn wij nou zo dom dat wij een boek nodig hebben om te kiezen wat we in onze winkelmand stoppen? Of is er hier iets anders aan de hand? We denken te weten wat we kopen, maar eigenlijk weten we dat volgens mij niet. Ikzelf vind het ook lastig; ik koop bijvoorbeeld sojaproducten i.p.v. zuivel. Maar weet eigenlijk ook niet precies hoe ‘goed’ sojaproductie is voor de wereld. Ik denk dat maar een kleine selectie van de consumenten hier echt op onderzoek uitgaat; kan dit boek ons daar een handje bij helpen?

Mel
Ja dat denk ik zeker! Erg herkenbaar wat je zegt. Ik maak door de dag heen veel voedselkeuzes. Ik koop soms vegan producten, eet geen vlees maar wel vrij veel vleesvervangers en soms koop ik lokaal. Maar wat beteken deze voedselkeuzes nou eigenlijk echt?

Daniela
Inderdaad, dat is precies mijn vraag! Vaak denk ik dat een vleesvervanger per definitie beter is dan vlees, maar is dat eigenlijk wel zo? Hoe zit dat met die soja productie en wat stop ik eigenlijk dan wél in mijn lichaam?

Mel
Dat zou ik ook graag willen weten, maar ik vind het ook echt veel werk om dat allemaal uit te zoeken. Soms neem ik daar de tijd niet voor, dan heb ik gewoon even geen zin in om (diep) na te denken. Soms is het product met de laagste prijs dan de grote winnaar op de boodschappenband. Dit boek geeft per afdeling op de supermarkt meteen toepasbare tips. Hierdoor ga ik met een nieuwe blik de supermarkt in, hoef ik minder na te denken, maar kom ik toch met fijne producten thuis.

Daniela
Dat lijkt mij een goede doelstelling! Ik moet trouwens ook denken aan het online college van Jaap Seiddel tijdens de SFYN-themadag. Seidell is professor Voeding en Gezondheid aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Tijdens deze presentatie stelde hij de vraag in hoeverre de overheid de consument moet willen begeleiden. In hoeverre wil je de overheid de keuze geven om ons daarin te sturen? En wat bereik je daar eigenlijk mee? Dat blijkt een moeilijke vraag te zijn waarin ook verschillende waarden aan zijn gebonden. Een boek als dit lijkt meer verandering te weeg willen brengen vanuit de consument zelf.

Mel
Ja precies! Het is zeker een moeilijk debat. En niet alleen het debat over wat je als overheid mag vinden van wat mensen in hun mond stoppen maar ook het economische debat in hoeverre de overheid zich mag bemoeien met wat producenten op de markt mogen brengen. Naast dat het natuurlijk aan de voedselveiligheidseisen moet voldoen. Ik vind het belangrijk dat dit soort debatten gevoerd worden en ik vind zelf dat de overheid best wat strenger mag letten op de ‘eerlijkheid’ van producten. Maar misschien is verandering gemakkelijker te vinden bij de consument zelf en nog specifieker, in wat consumenten zelf kunnen leren over wat ze (kunnen) kopen. Met andere woorden: dit soort boeken onder de aandacht brengen. Hiermee kan je leren de marketing te begrijpen en er doorheen te kijken, je denkt na over waar hun voedsel vandaan komt en mensen de vrijheid geven om geïnformeerd geld uit te geven. Hierbij laat ik trouwens wel geheel buiten beschouwing of je financieel de vrijheid hebt om keuzes te maken. Dat verdient een eigen gesprek.

Daniela
Educatie, daar kunnen we nog zo veel meer mee. Bijvoorbeeld, meer voedselonderwijs geven op alle scholen en dan niet alleen op de basisscholen in wijken die minder bedeeld zijn, zoals nu soms wordt gedaan. De overheid kiest nu specifiek die scholen omdat ze hopen daar de grootste vooruitgang mee te behalen valt (volgens het college van Seidell) maar ik denk dat het goed is voor alle kinderen om meer te weten over voedsel. Denk je ook niet dat iedereen er baat bij heeft om de ingrediëntenlijst op een etiket te kunnen lezen? Daar kan ik zelf namelijk nog wel het een en ander van leren.

Mel
Daar wordt in het boek van Teun meer over verteld. Daarover gesproken, ik merk dat ik helemaal niet zoveel over de inhoud van dit boek heb verteld haha! Even wat dingen op een rij die er voor mij uitspringen. Ten eerste; niet alleen over de producten, ook over de presentatie daarvan in de supermarkt wordt veel nagedacht. Denk aan ooghoogte, juist heel hoog of laag op de planken (zodat het wat minder opvalt of moeilijker te pakken is), de ‘ongezonde maar lekkere’ producten aan het einde van de tocht (wanneer je weerstand ertegen al is afgenomen), de muziek, de felheid van het licht et cetera et cetera.

Daniela
Haha, die weerstand, echt bizar dat dat echt werkt en dat we blijkbaar zo gemakkelijk te beïnvloeden zijn.

Mel
Ten tweede; ik verbaasde me echt over wat allemaal mag. Er zijn natuurlijk wel strenge richtlijnen over voedselveiligheid maar geen eisen aan bijvoorbeeld foto’s op verpakkingen. Dus iedereen mag foto’s van gezonde koeien in een groot Oostenrijks weiland gebruiken; ook als dat dier nog nooit daglicht heeft gezien. Ook is er tekstueel heel veel mogelijk, denk aan de slogans “ambachtelijk” en “naar oma’s recept”. Reken maar dat het gewoon in een huge ass fabriek is gemaakt op een sneu industrieterrein ergens in Europa. Of “handgemaakt”, het klinkt als iets positiefs maar door wiens handen en onder welke omstandigheden gebeurt dat dan? De woorden “vrolijk” of “blij” zijn net zo vaag. Merken die hun producten aanprijzen met “onze blije eieren” of “van echt vrolijke varkens” daar krijg je toch automatisch vrolijke gedachtes van? Maar vrolijke eieren bestaan natuurlijk niet. Tenminste, ik heb nog nooit een goedgemutst ei ontmoet. Dat toekennen van menselijke eigenschappen aan niet menselijke wezens heeft een mooi woord; antropomorfisme.

Daniela
Haha, ojaa zo ken ik ook nog wel wat voorbeelden. Bijvoorbeeld Joy of tea of happy chocolate.

Mel
Ook een eye opener voor mij was wat er qua formulering mag. Behalve “vrolijke varkens” en “blije koeien” is er qua terminologie ook veel speelruimte met producten uit het ‘apotheekschap’. Zo mag er van alles staan op pillen en drankjes zolang je geen echte ziekte noemt of benoemt dat het iets geneest. Medische claims mag je namelijk alleen gebruiken als het wetenschappelijk bewezen is dat het product een medische klacht verminderd. Dat bewijs geldt er voor het leeuwendeel van de supermarkt ‘geneesmiddelen’ niet.

Daniela
Wauw! Dat heb ik nooit geweten. Je wordt zo gestuurd door verpakkingen en slogans dat je bijna vergeet écht te lezen wat er staat.

Mel
Inderdaad! Met “geneesmiddelen” heeft Teun het bijvoorbeeld over middeltjes die de suggestie wekken dat het om een geneesmiddel gaat. De verpakking luidt dus niet “tegen een medische klacht” maar “bij/ondersteunt/voor ….. een lichaamsdeel”. Soortgelijke technieken gebruiken producenten ook vaak bij voedingsmiddelen.

Daniela
Poeh, ik heb het gevoel dat ik nu niets meer kan vertrouwen. Wie is hier eigenlijk verantwoordelijk voor? Waarom mag dit zomaar? En, waarom werkt het eigenlijk zo goed?

 Mel
Dat hebben wij grotendeels aan ons zelf te danken, helaas. We moeten dit daarom niet alleen bij de producent of overheid neerleggen. Wij hebben namelijk het hoge nep- en fopgehalte als consument zelf in stand. Het is eigenlijk heel simpel: wij horen of zien iets, kopen het, de producent krijgt te horen waarom wij iets kopen en speelt daar weer handig op in. En zo wordt deze cirkel in stand gehouden.

Even wat voorbeelden; veel mensen denken dat donkerbruin volkorenbrood het gezondst is. Het punt is alleen dat volkorenbrood van zichzelf grijs is, dit is echter niet zo bekend bij de consument. Om deze reden blijven velen dan ook donkerbruin brood kopen met het idee dat ze gezond(er) bezig zijn. Teun zegt dat donkerbruin brood namelijk deze kleur krijgt doordat er kleurstoffen aan toegevoegd worden. Hetzelfde geldt voor ‘mooie’ producten, bijvoorbeeld groente of fruit, die we kopen omdat ze er mooi uit zien. Terwijl schoonheid, kleur/vorm/glans/symmetrie, vaak weinig zegt over de smaak of voedingswaarde. Heerlijk eten dat niet mooi genoeg is om verkocht te worden, belandt zo in de prullenbak.

Daniela
Fascinerend! Gelukkig zijn op dat gebied al meerdere initiatieven bezig. Er is de laatste paar jaren namelijk meer aandacht voor “lelijke groenten en fruit” en wordt er veel van dit soort producten ook bij producenten en supermarkten opgehaald. Zeg Mel, heb je nog meer voorbeelden?

Mel
Jazeker! Maar Daan, waarom haal je het boek zelf niet even uit de bieb? Je moet dit boek gewoon zelf lezen, het is veel te leuk om te laten liggen. Daarnaast is dit ook nog eens een goede manier om je nu een keer wél te verdiepen in wat je in huis haalt en kan je een volgende boodschappen bezoek betere keuzes maken. Vote with your Fork zou ik zeggen! Ik ben van mening dat hoe meer mensen dit boek lezen en hun keuzes erop baseren hoe meer we naar een ‘echtere en eerlijke’ supermarkt kunnen gaan. De schrijver geeft overigens aan dat je ermee moet doen wat je zelf wilt. Mij doet het in ieder geval weer beseffen dat iedere keuze die ik maak bijdraagt aan een groot systeem. Als we stoppen met het kopen van producten die slecht voor de wereld zijn of die een hoog fopgehalte hebben, wordt het vanzelf niet meer interessant om ze te maken. Hey Daan, lekker gesprek, tot de volgende keer!

Boek: Teun van der Keuken, De Supermarktsurvivalgids (ISBN 9789029092470)
Ook een boek lenen bij de bieb? Kijk even op hun website.

Tekst: Mel van der Zwaag & Daniela Schoorl
Foto: Unsplash

Om onze website veilig en soepel te laten draaien plaatsen wij cookies. Lees ons privacybeleid of ga er direct mee akkoord. Privacybeleid

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten